“Hier rust onze geliefde Pablo Picasso, 1881-1973”

Ooit een selfie met Pablo Picasso himself willen hebben?
Niet met de echte Picasso natuurlijk, die ligt tot compost te vergaan in de tuin van zijn kasteel in Vauvenargues, maar met de levensechte op een witte sokkel opgebaarde Picasso van Eugenio Merino?
Zo’n selfie met een niet van echt te onderscheiden, niet stinkende Picasso: het kan tot 28 juli in de Alianza Francesa op de Calle Beatas 36 hier in Malaga.
De lengte klopt, de outfit is die waarin de meesten zich Picasso kunnen herinneren – zwart-wit gestreept t-shirt en een witte broek – en de sculptuur is hyperrealistisch gemaakt van siliconenhars, polyurethaan en polyester. En helemaal door de echte witte haren die zijn gebruikt.
15befb96-e90b-4769-a33c-1acce8b8ffaa
‘Ben jij al geweest?’ bromt Carlos el Pintor (niet te verwarren met Carlos el Jefe, de man van “creatief met bitterballen”).
Verwilderde krullen, een vette baard en de omvang van een tonnetje, mijn overbuurman lijkt op een Bask maar is een Malagueño van het zuiverste water. Zijn kolossale verschijning drukt alle zuurstof uit het bushokje.
‘Euh… ik heb niet zoveel met selfies.’
‘Zelfs niet eentje met de grote meester, onze stedelijke trots?’
Zijn stem buldert, maar zijn ogen glimmen.
Ik haal mijn schouders op. ‘Maar jij, ben jij dan al geweest?’
‘Natuurlijk, wat dacht je dan. Als kunstschilder laat je zo’n kans toch niet lopen?’
Een enorme grijns breekt zijn gezichtsbeharing in tweeën.

Misschien is het goed om even te vertellen dat Carlos inderdaad kunstschilder is. Eentje die zijn werk niet aan de straatstenen kwijtraakt (wat Carlos el Jefe een vaste klant oplevert en ons, de overburen, een sociale functie: het oplappen van een dronken, zich beklagende kunstenaar is geen sinecure). Zijn werk is ook wel apart, moet ik eerlijk zeggen; zijn schilderijen zijn een beetje… bizar. En daarom, en nu druk ik me voorzichtig uit, ‘moeilijk verkoopbaar’. Want wie wil er nu een jongetje in een rolstoel aan de muur hebben hangen, wiens handjes bovendien aan de leuningen zijn vastgespijkerd?
Om toch zijn hoofd met zijn schildertalent boven water te houden maakt Carlos namaak-Picassowerk voor een aantal souvenirwinkels.
Daarnaast leeft hij zich in de nachtelijke uren uit met zijn spuitbussen op lege muren. Welke graffiti in de stad van zijn hand is mag ik niet verklappen – dat schijnt tegen de mores van spuitgasten te zijn – maar als je zijn schilderijen kent is het niet moeilijk om te raden welke muurschilderingen van zijn hand moeten zijn.
Dit even terzijde.

‘Wat vind je van deze protestactie van Eugenio Merino?’ vraag ik.
‘Fantastisch. Alleen jammer dat hij zijn Franco-kunstwerk er niet naast gezet heeft.’
Nu ken ik Merino’s Franco-kunstwerk niet, iets wat in Carlos’ ogen waarschijnlijk een doodzonde is, dus vraag ik alleen maar: ‘Waarom?’
‘Om de boel lekker te provoceren en zodoende nog meer aandacht te krijgen voor de problemen in onze stad. Kijk Franco wordt doodgezwegen want die trekt geen massa’s toeristen aan. Terwijl Málaga en Franco toch vier handen op één buik waren. Picasso is dan wel hier geboren en heeft in de stad zijn eerste tien levensjaren doorgebracht, maar verder? Alleen in 1900 is hij nog een paar maanden terug geweest om met een vriend de cabarets en prostitués af te gaan, maar daarna heeft hij ons altijd gemeden als de pest. De eikel!’ Carlos spuugt een vette fluim voor de voeten van een oud vrouwtje, maar lijkt het niet in de gaten te hebben. ‘Málaga als Picasso-stad presenteren is pure commercie en heeft nada met realiteit te maken. Nee, Franco in die koelcel had er niet naast misstaan. En Málaga Picasso-stad,’ meewarig schudt Carlos zijn hoofd, ‘onzin gewoon, toeristenvoer.’
imgres
‘Maar het Picasso museum hier is wel wereldberoemd. En veel mensen associëren Van Gogh toch ook met Amsterdam omdat daar het Van Gogh-Museum staat? En die heeft er nog geen jaar gewoond.’
‘Dat bedoel ik: toeristenvoer! Ik ben vorig jaar nog een weekendje in Amsterdam geweest. Daar ga ik, afhankelijk van mijn financiële situatie natuurlijk, eens in de paar jaar naartoe om eh… je weet wel… die speciale koffietenten van jullie te bestuderen. Al kan ik die studie in het vervolg beter in Madrid voortzetten…’ Zijn kop met krullen schudt als die van een wilde diersoort heen en weer. ‘Een ramp was Amsterdam, en dan heb ik het niet over de regen die maar niet op wilde houden. Een drukte, je wil het niet weten. Van de echte, relaxte Amsterdamsfeer van vroeger was niks meer over. En hier gaan we dezelfde kant op. Ik doe nou al af en toe geen oog meer dicht door dat rotgeluid van die rolkoffertjes. Jij hebt mazzel, jij woont aan de binnenkant hier en hoort het niet, maar ik zit aan de straatkant.’
Dan schiet hij plotseling in de lach.
‘Jammer dat Fidel Castro en Trump geen link met Málaga hebben. Dan konden we pas echt een protesttentoonstelling bouwen.’
Fidel Castro? Trump? Ik hoor het even in Marbella donderen. En blijkbaar is dat van mijn gezicht af te lezen, want Carlos haalt zijn mobieltje uit zijn zak.
‘Wacht, ik zal ze je laten zien. Vooral die Castro als zombie vind ik fantastisch, ik wou dat ik die verzonnen had. Al is de titel damaged goods bij die Trump natuurlijk ook supercool.’ ’
eugenio_merino_03eugenio-merino-damaged-goods-detail
‘Goed hè,’ zegt hij glunderend als ik hem even later zijn mobieltje teruggeef. ‘Kom, laten we samen een biertje gaan drinken op Merino’s gezondheid. Want dat verdient ie, vind je ook niet?’
Málaga kan dan druk aan het worden zijn, in het stukje stad waar ik woon is de echte malagueño-geest, nog steeds uit de fles.
Tentoonstelling of niet: de bus hebben we niet meer gehaald.

Dit bericht is geplaatst in Blog. Bookmark de permalink.

3 reacties op “Hier rust onze geliefde Pablo Picasso, 1881-1973”

  1. Gatso schreef:

    Weer een heerlijk stukje…. chapeaux!

  2. Carmen Gatsonides schreef:

    Leuk stukje weer!!!

  3. Ineke v.d. Even schreef:

    Heerlijk !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *