Over temperatuur en temperament

Een hele ochtend wachten omdat de glasmannen doodleuk op een verkeerd adres een ruit hebben opgemeten, het driedubbel bezworen telefoontje van de verzekeringsman dat nooit komt en de beddenboer bij wie de service niet verder dan de deur gaat waardoor we nachtenlang gebroken van het verkeerde matras rollen:
U denkt nu waarschijnlijk dat het hier het typisch Spaans fenomeen van mañana-mannen betreft.
Fout.
Voorgaande gebeurtenissen – of juist niet-gebeurtenissen – spelen zich af in hartje Nederland.

Mijn eerste ervaring met een mañana-man vond plaats nog voor ik de eerste steen van mijn huis in de campo gelegd had: het betrof hier een aannemer. Bouwvakkerstijden uit Nederland indachtig zorgde ik ervoor om voor onze ochtendafspraak ruim voor achten present te staan. Het was een van die zeldzame doorregende winterdagen en tegen twaalf uur was ik dan ook tot op het bot doorweekt. Daar sta je dan, tot je knieën verzonken in onvervalste Spaanse barro, de aannemer in geen velden of wegen te zien, een mobiel zonder bereik en de huurauto twee kilometer verder op het einde van de verharde weg.
Terwijl ik mijn zompige hoedanigheid onder de enige boom probeerde te verschansen, besloot ik het nog even vol te houden.
Om twee uur sloeg de honger onverbiddelijk toe en om halfdrie dacht ik ‘stik maar’ en toog richting dorpskroeg.
Er was iets tussengekomen, zei het kantoor een paar uur later. Maar mañana por la mañana zou ie er zijn, zeker weten.
Ook de dag daarop dacht ik om half 3 ‘stik maar.’ En dit keer was ik echt kwaad.
Op de weg terug ging mijn mobiel.
‘Ik ben er over een kwartier,’ klonk het opgewekt.
De kolossale man die uit de 4×4 stapte reageerde stomverbaasd op mijn blauwbekkende en opgewonden verschijning.
‘Tja, gisteren liep een andere afspraak gewoon uit. Maar nu ben ik er toch?’
‘Ja maar…’
‘Oké, drie kwartiertjes te laat, dat kan toch gebeuren?’
Drie kwartier? Sinds die dag hou ik er rekening mee dat de ochtend in Spanje tot 2 uur duurt.

De uiteindelijke bouw leverde me mañana-mannen in alle soorten en maten op en leerde me dat iedere dag opnieuw een mañana heeft en dat dit niet noodzakelijkerwijs de eerstvolgende morgen na de betreffende dag hoeft te zijn (tenzij je met Hacienda te maken hebt, de Spaanse belastingdienst).

Dacht ik een tijdlang dat de mañanagedachte een typisch Spaans verschijnsel was, tijdens een reis door Indonesië kwam ik erachter dat men daar al sinds mensenheugenis volgens het principe van de rekbare tijd (jam karet) leeft.
En dat bracht me op de navolgende gedachte: waarom zou er niet een causaal verband bestaan tussen temperatuur en mañana-mannen?
In beide landen kan het goed warm zijn, beide landen houden een uitgebreid middagmaal en een middagdutje in ere, dus waarom ook niet het relativerende tijdsgevoel.
En kijk eens naar het Nederland van de afgelopen twee maanden met zijn bovengemiddelde temperaturen? Daar duikt het fenomeen nu ook opeens op.

@nrc.nl

@nrc.nl

Stel dat het klopt! Dat vandaag inderdaad de mañana-mannen in het Noorden zijn gearriveerd. Dan zou het zo maar kunnen dat morgen de warmbloedige minnaars en de temperamentvolle vrouwen aankomen en het bruisende leven op straat begint.
Misschien behoren de klompendans en palingrock straks tot het verleden.
Ik kan niet wachten.

Dit bericht is geplaatst in Blog met de tags , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

4 reacties op Over temperatuur en temperament

  1. Robert Strengers schreef:

    hahahaha, laten we het hopen. De Hollanders worden echter al weer snel de “oude” asl het eenmaal écht herfst of winter is. Nog 1 weekend zomers; we zullen zien wat er daarna gebeurt…….

  2. JM van Dolder schreef:

    Whahaha, ¨jam karet¨, daar ben ik mee opgegroeid. Die ervaring helpt me veel in Spanje.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *